Voorwaarden voor stamrechtvrijstelling bij ontslag zijn strikt

De voorwaarden voor de stamrechtvrijstelling bij ontslag zijn erg strikt. Zo is het essentieel dat de voormalige werknemer op het moment van toepassing van de vrijstelling de ontslaguitkering in fiscale zin (nog) niet heeft genoten.

Bij het voortijdig eindigen van een dienstverband worden werknemers dikwijls financieel gecompenseerd door middel van een ‘gouden handdruk’. Om de belastingheffing over de gouden handdruk uit te stellen, kan de uitkering periodiek (een zogenoemd stamrecht) in plaats van eenmalig aan de werknemer worden toegekend. Indien het stamrecht voldoet aan de wettelijke voorwaarden, kan de betaling van de koopsom plaatsvinden zonder inhouding van loonheffing (stamrechtvrijstelling) en inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. De periodieke uitkeringen zijn vervolgens belast op het moment dat deze worden uitgekeerd. De voorwaarden voor de stamrechtvrijstelling bij ontslag zijn erg strikt. Zo is het essentieel dat de voormalige werknemer op het moment van toepassing van de vrijstelling de ontslaguitkering in fiscale zin (nog) niet heeft genoten. Illustratief hierbij is een uitspraak van Rechtbank Den Haag.

 

Volledig bericht

Bij het voortijdig eindigen van een dienstverband worden werknemers dikwijls financieel gecompenseerd door de werkgever door middel van een ‘gouden handdruk’. Indien het een eenmalige uitkering betreft, is deze belast voor de loonbelasting tegen het tarief voor bijzondere beloningen en is hierover premies volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet verschuldigd. De gouden handdruk is vrijgesteld voor de premieheffing werknemersverzekeringen, omdat het loon uit vroegere dienstbetrekking is.

Om de belastingheffing over de gouden handdruk naar de toekomst te verschuiven, kan de uitkering in plaats van eenmalig ook periodiek aan de werknemer worden toegekend (een zogenoemd stamrecht). Indien het stamrecht voldoet aan de wettelijke voorwaarden, kan de betaling van de koopsom plaatsvinden zonder inhouding van loonheffing en inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet en worden de periodieke uitkeringen belast op het moment dat deze worden uitgekeerd. Eén van deze voorwaarden is dat het stamrecht in fiscale zin (nog) niet is genoten. In fiscale zin is sprake van ‘genieten’ als een inkomensbestanddeel is betaald of verrekend, ter beschikking wordt gesteld, rentedragend wordt of vorderbaar en inbaar is geworden. Deze voorwaarde is heel strikt. Illustratief hierbij is een uitspraak van Rechtbank Den Haag. De zaak was verkort weergegeven als volgt.
 
Een man was werkzaam bij twee werkgevers. Door tussenkomst van de rechter werden de arbeidsovereenkomsten in februari 2004 ontbonden. Op een rechtszitting in maart 2004 kwamen partijen een ontslagvergoeding overeen van € 55.000. De man had al in maart 2003 een bv opgericht waarvan hij alle aandelen hield en enig bestuurder was. De bv was bedoeld om als een stamrecht-bv te fungeren. De ontslagvergoeding werd in april 2004 overgemaakt op de derdengeldenrekening van een notariskantoor. Op 4 mei 2004 maakte het notariskantoor € 55.000 over op de bankrekening van de bv onder vermelding van: “inzake stamrechtuitkering”. Op 10 mei 2004 en 15 juni 2004 maakte de bv een bedrag van ruim € 55.000 over op de bankrekeningen van de man en zijn echtgenote. Na deze overboekingen bleef nog een klein bedrag over op de bankrekening van de bv. Op 24 juni 2004 werd de stamrechtovereenkomst tussen de bv en de man getekend.
 
De inspecteur stelde zich op het standpunt dat de man al vóór de totstandkoming van het stamrecht over de ontslagvergoeding had beschikt zodat de stamrechtvrijstelling daarop niet van toepassing was. Hij legde daarop de bv een naheffingsaanslag loonheffing op van € 23.100, vermeerderd met € 5.775 aan boete en € 1.968 aan heffingsrente. De man stelde dat de stamrechtvrijstelling wel van toepassing was. De zaak kwam voor Rechtbank Den Haag.
 
De rechtbank liep de wettelijke voorwaarden na voor de stamrechtvrijstelling. Uit de wettekst volgde dat de stamrechtvrijstelling alleen van toepassing kan zijn als het bedrag van de ontslagvergoeding in fiscale zin nog niet is genoten. De rechtbank gaf verder aan dat bij een juiste verdeling van de bewijslast de bv aannemelijk moest maken dat aan alle voorwaarden voor de toepassing van de vrijstelling was voldaan. De rechtbank was echter van oordeel dat de bv niet in haar bewijslast was geslaagd. Vanwege de twee overboekingen van de bv op 10 mei 2004 en 15 juni 2004 had de man namelijk al over de ontslagvergoeding beschikt. Daarmee had de man deze inkomsten al in fiscale zin genoten.
 
De bv stelde nog dat de stamrechtovereenkomst al in 2003 mondeling was overeengekomen. De rechtbank achtte dat niet aannemelijk. Pas op 25 maart 2004 was namelijk overeenstemming bereikt over de ontslagvergoeding. Tot die datum was het nog onzeker of een ontslagvergoeding zou worden toegekend. Daarom vond de rechtbank het aannemelijk dat de stamrechtovereenkomst niet eerder dan op 24 juni 2004 tot stand is gekomen. Nu de man al vóór die datum over de ontslagvergoeding had beschikt, kon de stamrechtvrijstelling niet van toepassing zijn.

De rechtbank verklaarde het beroep van de bv ongegrond, maar verminderde de opgelegde boete met 5%, omdat behandeling van de procedure niet binnen de redelijke termijn van het Europees verdrag tot bescherming van de rechten van de mens was geschied.
 
Bron: Rechtbank Den Haag, 3-6-2009, nr. 07/9429 (gepubliceerd 19-6-2009).

Eerste Kamer akkoord met wetsvoorstel fiscaal stimuleringspakket en overige fiscale maatregelen

De Eerste Kamer heeft op 30 juni 2009 het wetsvoorstel fiscaal stimuleringspakket en overige fiscale maatregelen zonder stemming aangenomen.

De Eerste Kamer heeft op 30 juni 2009 het wetsvoorstel fiscaal stimuleringspakket en overige fiscale maatregelen zonder stemming aangenomen. Over de diverse stimuleringsmaatregelen uit dit wetsvoorstel hebben we enige malen eerder bericht. Deze betreffen: (per 1 januari 2009) een verlaging van het mkb-tarief in de tweede schijf van de vennootschapsbelasting naar 20 procent voor de jaren 2009 en 2010; een verruiming van de faciliteiten voor speur- en ontwikkelingswerk; (per 7 april 2009) een versoepeling in de verliesverrekening (carry back) over het jaar 2008; (per 1 juni 2009) het toepassen van de energie-investeringsaftrek voor energiebesparing in huurwoningen; (per 1 juli 2009) een verlaging van de tarieven van de vliegbelasting naar nul; de toepassing van het 6% btw-tarief voor isolatiewerkzaamheden aan daken, muren en vloeren van woningen ouder dan 2 jaar; een btw-afdracht per kwartaal in plaats van per maand; (per 2 juli 2009) een verhoging van de vergrijpboete op het niet aangeven van box 3 inkomen tot maximaal 300 procent; (per 1 januari 2010) een verhoging van de eerste schijf in de energiebelasting op aardgas met 0,19 eurocent; het beperken van de inkeerregeling voor zwartspaarders tot twee jaar na aangifte. De overige maatregelen betreffen de vervanging van het zogenoemde g-rekeningenstelsel door een wettelijk depotstelsel. Deze maatregel is met name van belang voor aannemers van werk, inleners van personeel en opdrachtgevers in de confectiesector.

 

Volledig bericht

De Eerste Kamer heeft op 30 juni 2009 het wetsvoorstel fiscaal stimuleringspakket en overige fiscale maatregelen zonder stemming aangenomen. Over de diverse stimuleringsmaatregelen uit dit wetsvoorstel hebben we onder meer op 8 juni 2009, 5 mei 2009, 15 april 2009, 7 april 2009 en 7 december 2007 eerder bericht.

Deze betreffen: 
(per 1 januari 2009) een verlaging van het mkb-tarief in de tweede schijf van de vennootschapsbelasting naar 20 procent voor de jaren 2009 en 2010; een verruiming van de faciliteiten voor speur- en ontwikkelingswerk;
– (per 7 april 2009) een versoepeling in de verliesverrekening (carry back) over het jaar 2008;
– (per 1 juni 2009) het toepassen van de energie-investeringsaftrek voor energiebesparing in huurwoningen;
– (per 1 juli 2009) een verlaging van de tarieven van de vliegbelasting naar nul; de toepassing van het 6% btw-tarief voor isolatiewerkzaamheden aan daken, muren en vloeren van woningen ouder dan 2 jaar; een btw-afdracht per kwartaal in plaats van per maand;
– (per 2 juli 2009) een verhoging van de vergrijpboete op het niet aangeven van box 3 inkomen tot maximaal 300 procent;
– (per 1 januari 2010) een verhoging van de eerste schijf in de energiebelasting op aardgas met 0,19 eurocent; het beperken van de inkeerregeling voor zwartspaarders tot twee jaar na aangifte.

De overige maatregelen betreffen de invoering van de mogelijkheid om rechtstreekse stortingen op een zogenoemde vrijwaringsrekening van de Belastingdienst te doen, waarbij de hoofdelijke aansprakelijkheid die in bepaalde gevallen voor belastingschulden van anderen bestaat, te beperken. Het zogenoemde g-rekeningenstelsel wordt met deze wijziging vervangen door een wettelijk depotstelsel. Deze maatregel is met name van belang voor aannemers van werk, inleners van personeel en opdrachtgevers in de confectiesector.
 
Bron: Handelingen Eerste Kamer, 30-6-2009, 31301

Nederland gaat voor elektrische auto

Het kabinet trekt tot 2011 65 miljoen euro uit om juist in Nederland de marktdoorbraak te bereiken van met stroom aangedreven auto’s.

Het kabinet trekt tot 2011 65 miljoen euro uit om juist in Nederland de marktdoorbraak te bereiken van met stroom aangedreven auto’s. De ministers Eurlings van Verkeer en Cramer van Milieu hopen dat er in 2025 ruim een miljoen van deze schone, zuinige en stille wagens in Nederland zullen rondrijden.
Vrijdag buigt de ministerraad zich over dit voorstel. Volgens Eurlings lokt de subsidie van 65 miljoen euro zo`n half miljard aan nieuwe investeringen uit. De subsidie zal besteed worden aan de ontwikkeling van batterijen en auto`s, de aanschaf van een vloot stroomauto`s door het rijk en aan de infrastructuur van mogelijk 10.000 laadpunten.
Voor de industrie is Nederland als proeftuin interessant vanwege het solide elektriciteitsnet. De relatief korte afstanden tussen steden maken de overstap op elektrische auto`s ook gemakkelijker. De batterijen hebben nu namelijk nog een beperkte actieradius.

Bron : De Telegraaf

EU stelt krediet beschikbaar voor opstarten bedrijven

De Europese Commissie stelt een bedrag 100 miljoen euro beschikbaar voor kleine ondernemers en werklozen die een eigen bedrijf willen beginnen.

De Europese Commissie stelt een bedrag 100 miljoen euro beschikbaar voor kleine ondernemers en werklozen die een eigen bedrijf willen beginnen. De Commissie doet dit in de vorm van microkredieten, zo maakte eurocommissaris Vladimir Spidla (Werkgelegenheid) gisteren in Brussel bekend.

Omdat ook de Europese Investeringsbank en andere internationale financiële instellingen meewerken, komt er in totaal naar verwachting 500 miljoen euro beschikbaar, aldus Spidla. In de huidige recessie willen we werklozen door een gemakkelijkere toegang tot kredieten kansen bieden voor het opzetten of ontwikkelen van nieuwe bedrijfsactiviteiten. Dit helpt bij het scheppen van nieuwe banen,’ aldus de eurocommissaris

Navorderingstermijn

De navorderingstermijn is vijf jaar na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan. Bij belastingheffing over een bepaald tijdvak, zoals bij inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting, ontstaat de belastingschuld op het tijdstip waarop het tijdvak eindigt.

De navorderingstermijn is vijf jaar na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan. Bij belastingheffing over een bepaald tijdvak, zoals bij inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting, ontstaat de belastingschuld op het tijdstip waarop het tijdvak eindigt. Een inkomstenbelastingschuld over het jaar 2006 ontstaat dus op 31 december 2006, zodat navordering niet meer mogelijk is vanaf 1 januari 2012.

Is uitstel tot het doen van aangifte verleend, dan wordt de navorderingstermijn met de duur van dit uitstel verlengd. Het moet daarbij gaan om uitstel op verzoek van de belastingplichtige of diens gemachtigde. Als de Belastingdienst na ommekomst van het uitstel de belastingplichtige, zonder dat deze daarom verzoekt, uit eigen hoofde nog een aanmaningstermijn van tien dagen gunt, verlengt deze aanmaningstermijn het uitstel – en daarmee de navorderingstermijn – dus niet.

Verlengde navorderingstermijn
De navorderingstermijn wordt verlengd tot twaalf jaar in ‘buitenland situaties’. De reden hiervoor is dat de Nederlandse fiscus het dan in feite ontbreekt aan toereikende controlemogelijkheden om naar het buitenland overgebrachte spaargelden en dergelijke bezittingen te achterhalen. De termijn wordt alleen verlengd indien er te weinig belasting is geheven omdat de inkomsten in het buitenland zijn opgekomen, of daar op een rekening worden gehouden.

Verliesverrekening
Bij verliesverrekening naar het verleden blijft navordering mogelijk zolang navordering mogelijk is over het jaar waaruit het als verlies verrekende bedrag mogelijk is. Anders zou de navorderingstermijn per saldo korter dan vijf jaar zijn.

Heffingskortingen
Een correctie op de aanslag van een belastingplichtige kan van belang zijn voor de uitbetaling van heffingskortingen aan de partner van die belastingplichtige. Daarom blijft de bevoegdheid tot navorderen bij die partner (ter zake van de uitbetaling van heffingskortingen) mogelijk tot acht weken na het tijdstip waarop de belastingaanslag van zijn partner, welke relevant is voor die heffingskorting, onherroepelijk is geworden