MKB haalt kleine 10 procent van omzet uit activiteiten Marktplaats

Behalve de consument ziet ook het midden- en kleinbedrijf steeds meer voordelen van het onlinehandelsplatform Marktplaats. Inmiddels komt 6 procent van de totale omzet van kleine en middelgrote bedrijven voort uit de activiteiten van deze ondernemingen op de handelssite

Behalve de consument ziet ook het midden- en kleinbedrijf steeds meer voordelen van het onlinehandelsplatform Marktplaats. Inmiddels komt 6 procent van de totale omzet van kleine en middelgrote bedrijven voort uit de activiteiten van deze ondernemingen op de handelssite. Dit blijkt uit een onderzoek van Blauw Research.

1400 ondernemers


Bijna een derde van de ondernemingen uit het midden- en kleinbedrijf in Nederland adverteert op Marktplaats of biedt producten op de site aan. Deze bedrijven halen volgens het onderzoek al ruim een kwart van de omzet uit hun activiteiten op het onlinehandelsplatform. Het onderzoeksbureau ondervroeg bijna 1400 ondernemers en consumenten. 



Handelsvolume


Daarmee is 6 procent van de totale jaaromzet van het MKB in Nederland te danken aan de verkopen via Marktplaats. Het totale handelsvolume van het Nederlandse mkb bedroeg in 2009 volgens cijfers van het EIM 613 miljard euro. 


‘Rasondernemer’ Biesheuvel voorzitter MKB-Nederland

Hans Biesheuvel is de nieuwe voorman van werkgeversorganisatie MKB-Nederland. De als bekend staande ‘ondernemer pur sang, selfmade man’ neemt per 1 juni het voorzitterschap over van Loek Hermans.

Hans Biesheuvel is de nieuwe voorman van werkgeversorganisatie MKB-Nederland. De als bekend staande ‘ondernemer pur sang, selfmade man’ neemt per 1 juni het voorzitterschap over van Loek Hermans.

 

Ondernemer pur sang

Biesheuvel (geboren 10 maart 1965) is een ondernemer pur sang, een self made man die goede én slechte tijden heeft meegemaakt. Hij kent derhalve de verschillende kanten van het ondernemerschap. Hij beschikt over een uitgebreid netwerk en heeft een brede bestuurlijke ervaring. Het hoofdbestuur van MKB-Nederland typeert Biesheuvel als een ‘teamspeler met visie en trots op het ondernemerschap’.

De nieuwe voorman, getrouwd en vader van drie dochters, trad direct na het behalen van zijn VWO-diploma in dienst bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat. In die tijd voltooide hij in de avonduren een studie aan de HEAO.Groothandel

Eind jaren ’80 koos hij voor het ondernemerschap en startte zijn eigen technische groothandel. Later nam hij de technische handelsonderneming van zijn vader en die van zijn opa over en bouwde hij de Biesheuvel Groep uit tot een toonaangevende speler in de markt met ca. 180 mensen op de loonlijst. In 2000 verkocht hij zijn bedrijf omdat hij – naar eigen zeggen – “niets meer kon toevoegen”.Opvolgingsvraagstukken in familiebedrijven

Met het geld dat daarmee vrijkwam, richtte hij in 2001 Habest Holding bv op, een bedrijf dat veelal in samenwerking met financiële partijen actief investeert in diverse mkb-ondernemingen. Biesheuvel houdt zich vooral bezig met management buy-outs en opvolgingsvraagstukken in familiebedrijven. “Ik vind het interessant om bij allerlei verschillende bedrijven betrokken te zijn in steeds wisselende rollen: coach, toezichthouder, adviseur en soms manager “.VVD-commissie Economische Zaken en Innovatie

Biesheuvel is algemeen directeur van PGZ International bv, toeleverancier voor de doe-het-zelfmarkt met 350 medewerkers in dienst. De dagelijkse leiding van dit bedrijf draagt hij na 1 juni over. Hij legt dan ook zijn functie neer als voorzitter van de landelijke VVD-commissie Economische Zaken en Innovatie.Adviseur

De aanstaande voorzitter van MKB-Nederland is verder adviseur en commissaris bij diverse Nederlandse (mkb-)bedrijven. Zo is hij voorzitter van de Raad van Commissarissen bij Womitex (linnenverhuur) in Almere en Fabory (bevestigingsmaterialen) in Tilburg. Biesheuvel zit in het bestuur van de Werkgevers Technische Groothandel en is penningmeester van het Festival Classique in Den Haag.

Tot Biesheuvels aantreden op 1 juni aanstaande neemt Michaël van Straalen het voorzitterschap van MKB-Nederland waar.

Bouwend Nederland wijst leden op einddatum lage btw-percentage

Bouwend Nederland wijst de leden er op dat het lage btw-percentage geldt tot 1 juli 2011. Dat wil zeggen dat de projecten vóór 1 juli afgerond moeten zijn, om het percentage arbeid nog onder de lage btw te kunnen verrekenen. Voor projecten die op of ná 1 juli worden opgeleverd, geldt weer het normale btw-tarief van 19%.

Bouwend Nederland wijst de leden er op dat het lage btw-percentage geldt tot 1 juli 2011. Dat wil zeggen dat de projecten vóór 1 juli afgerond moeten zijn, om het percentage arbeid nog onder de lage btw te kunnen verrekenen. Voor projecten die op of ná 1 juli worden opgeleverd, geldt weer het normale btw-tarief van 19%.

Bouwend Nederland attendeert de leden erop dat ze zeker moeten zijn dat werken die nu worden aangenomen, voor 1 juli moeten zijn opgeleverd, indien de opdrachtgever nog van het lage btw-percentage wil profiteren. Daarna gaat het fiscale voordeel verloren. Dit geldt te meer voor werkzaamheden waarvoor een vergunning moet worden aangevraagd. 
 
Bouwend Nederland maakt zich hard voor verlenging van deze maatregel tot 1 januari 2012. Begin februari is een brief naar de minister en staatssecretaris van Financiën, alsmede enkele Tweede Kamerleden verzonden met het verzoek tot verlenging van de regeling.

Het venijn van de suppletie-aangifte

De suppletie-aangifte voor de btw komt niet in de wet voor en dat zorgt al jaren voor confrontaties tussen ondernemers en fiscus. Wat gebeurt er als u nalaat suppletie te doen, mag er zomaar een boete worden gegeven?

 

De suppletie-aangifte voor de btw komt niet in de wet voor en dat zorgt al jaren voor confrontaties tussen ondernemers en fiscus. Wat gebeurt er als u nalaat suppletie te doen, mag er zomaar een boete worden gegeven? 

De Btw-aangifte
De btw-aangifte is een periodiek terugkerend fenomeen. Eens per maand, kwartaal of per jaar moet een overzicht worden gemaakt van geleverde diensten en in rekening gebrachte btw. De door een ondernemer betaalde btw over aangeschafte goederen en diensten mag daarvan worden afgetrokken. Het verschil moet worden afgedragen of wordt terug ontvangen.

Suppletie aan einde van het jaar
Het lijkt eenvoudig, maar een vergissing is zo gemaakt. Veel adviseurs lossen dat praktisch op: na afloop van het jaar wordt een zogenoemde suppletie-aangifte ingediend. Daarin worden alle correcties opgenomen op de ingediende aangiften, min of meer een soort naberekening. De fiscus legt dan een naheffingsaanslag op en de te weinig afgedragen btw wordt alsnog betaald.

Niet in de wet
Jarenlang is er geharrewar geweest met de fiscus over de status van de suppletie-aangifte. In de wet kwam deze immers niet voor. Ook in procedures kwam de vraag naar voren hoe met een suppletie moest worden omgegaan in het bijzonder als de fiscus geld terug moest geven.

Op tijd indienen
Het moment van indienen bleek dan ineens een rol te spelen. Want, zo was de redenering, om de suppletie als bezwaar te kunnen aanmerken, moet hij wel tijdig worden ingediend. Ofwel: binnen zes weken na afloop van de betalingstermijn.

Adviseurs hebben echter tot en met eind januari met de btw-afdracht over het vierde kwartaal te maken en doen de suppletie vaak pas daarna. Dat betekent in de praktijk dat veel suppleties eind februari of begin maart worden ingediend. Met als gevolg dat de bezwaartermijn ruimschoots is overschreden en er een niet-ontvankelijkverklaring volgt.

Geen suppletie ingediend?
Minder bekend was wat er moest gebeuren als er geen suppletie was ingediend. Nergens in de wet staat immers dat dat moet.

Onlangs moest de Rechtbank Arnhem hierover oordelen. Het betrof een situatie waarin de belastingplichtige een suppletie-aangifte deed, die zoek raakte en een naheffingsaanslag met boete kreeg opgelegd na controle van de jaarstukken. Er was volgens de inspecteur onjuist aangifte gedaan.

Dat vond de rechter wel heel kort door de bocht. De boete werd geschrapt, want om deze op te kunnen leggen moet er sprake zijn van opzet of grove schuld. Maar dan wordt van belang waarom de btw niet correct is afgedragen. Immers, doet een belastingplichtige opzettelijk geen afdracht, dan is er op z’n minst sprake van opzet.

Boete mag niet zomaar
Duidelijk is wel dat een ondernemer die te goeder trouw een fout maakt bij het indienen van de btw-aangifte niet zomaar automatisch een boete kan krijgen. Krijgt u die toch? Ga dan in bezwaar en beroep, het kan de moeite waard zijn!

Eigenrisicodragerschap WGA vóór 2 oktober aanvragen

Werkgevers die met ingang van 1 januari 2010 eigenrisicodrager voor de Regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) willen worden, moeten hun aanvraag voor 2 oktober sturen naar de Belastingdienst.

Werkgevers die met ingang van 1 januari 2010 eigenrisicodrager voor de Regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) willen worden, moeten hun aanvraag voor 2 oktober sturen naar de Belastingdienst.
Als eigenrisicodrager voor de WGA is de ondernemer voor een periode van maximaal 10 jaar zelf verantwoordelijk voor de WGA-lasten van (ex-)werknemers. In ruil daarvoor hoeft hij geen gedifferentieerde WGA-premie meer te betalen. Het premiepercentage voor deze premie stelt Belastingdienst per werkgever vast(zie ook: WGA minimumpremie voor kleine bedrijven stijgt fors in 2010). Voor 2010 gelden de volgende percentages:

  • landelijk gemiddeld percentage: 0,53%
  • rekenpercentage: 0,59%
  • minimumpercentage voor grote werkgevers: 0,06%
  • maximumpercentage voor grote werkgevers: 2,12%
  • minimumpercentage voor kleine werkgevers: 0,59%
  • maximumpercentage voor kleine werkgevers: 1,59%

Een ondernemer is in 2010 een grote werkgever als zijn premieloon in 2008 meer was dan € 730.000. Was het premieloon in 2008 niet meer dan € 730.000, dan is de ondernemer een kleine werkgever.

Aanvraag

Het eigenrisicodragerschap vraagt de werkgever aan met het formulier ‘Aanvraag of beëindiging eigenrisicodragerschap voor de WGA’. Daarnaast moet de werkgever een garantieverklaring van een erkende kredietinstelling of verzekeraar meesturen. Dit gebeurt via het formulier ‘Garantieverklaring eigenrisicodragerschap WGA’. Beide formulieren zijn te downloaden op de website van de Belastingdienst.

[ Bron: Belastingdienst ]