Pensioendrama voor zzp’ers dreigt

Zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) dreigen de armen van de toekomst te worden. De meerderheid van de naar schatting 700.000 Nederlandse zzp’ers heeft in het geheel geen aanvullende pensioenvoorziening of een heel slechte.

DEN HAAG – Zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) dreigen de armen van de toekomst te worden. De meerderheid van de naar schatting 700.000 Nederlandse zzp’ers heeft in het geheel geen aanvullende pensioenvoorziening of een heel slechte. Dat zeggen pensioendeskundigen.

 

,,Veel zzp’ers komen als ze ophouden met werken in problemen, omdat ze alleen van een AOW-uitkering moeten rondkomen”, zegt Maarten Post, bestuurder van CNV Zelfstandigen.

Ook Fieke van der Lecq, bijzonder hoogleraar pensioenmarkten aan de Rotterdamse Erasmus Universiteit, voorziet grote problemen omdat veel zzp’ers hun pensioen niet of onvoldoende geregeld hebben. ,,Maar lang niet alle zzp’ers ervaren het zelf ook als een probleem”, relativeert ze.

Volgens Van der Lecq wordt het hoog tijd dat er oplossingen komen voor de pensioenvoorziening van zzp’ers. Want steeds meer mensen kiezen voor een bestaan als zelfstandige, blijkt uit cijfers van de Kamer van Koophandel. Vorig jaar schreef 89 procent van alle 107.400 startende ondernemers zich in als zzp’er.

Het probleem is dat zzp’ers werknemer en werkgever tegelijk zijn. Ze kunnen daarom niet deelnemen in de klassieke pensioenfondsen. Het alternatief is een dure particuliere pensioenverzekering. ,,De kosten daarvan zijn veel hoger, terwijl de opbrengst veel minder zeker is dan bij een normaal pensioenfonds”, weet Van der Lecq.

Zij en haar collega-onderzoeker Alwin Oerlemans pleiten voor een aanpassing van de wetgeving, zodat ook zzp’ers eigen, collectieve pensioenfondsen kunnen oprichten. Tweede Kamerlid Mei Li Vos (PvdA) steunt dat idee. Tegelijkertijd kunnen ook de verzekeraars bijdragen aan betere pensioenalternatieven voor zzp’ers. Van der Lecq: ,,De meeste verzekeraars hebben vrij simpele producten, zoals lijfrentepolissen. Die zijn weinig flexibel en voor veel zzp’ers te duur. Innovatie van de verzekeraars is broodnodig, want zzp’ers hebben nu geen passende keuzemogelijkheden.”

Een ‘zelfstandige zonder personeel’ kan een kapper zijn, timmerman, journalist of adviseur. Het is iemand die eigen baas is en zijn eigen arbeid verkoopt. Hoeveel zzp’ers er precies zijn in Nederland, is onduidelijk. De schattingen variëren van 200.000 tot één miljoen. Dat komt doordat verschillende definities worden gebruikt. FNV Zelfstandigen schat het aantal zzp’ers op 600.000 tot 700.000. Wel duidelijk is dat er steeds meer nieuwe zzp’ers bijkomen.

Volgens cijfers van de Kamer van Koophandel Nederland schreven zich in het jaar 2004 59.600 nieuwe zzp’ers in. Vorig jaar waren dat er maar liefst 95.600; een stijging van 60 procent in vijf jaar tijd.

Btw uit het buitenland terugvragen eenvoudiger

Ondernemers kunnen straks makkelijker btw terug vragen die in rekening is gebracht in een andere Europese lidstaat. Vanaf 1 januari 2010 kan dit namelijk via de Nederlandse Belastingdienst.

Ondernemers kunnen straks makkelijker btw terug vragen die in rekening is gebracht in een andere Europese lidstaat. Vanaf 1 januari 2010 kan dit namelijk via de Nederlandse Belastingdienst.

Btw terugvragen is nu nog een omslachtige en tijdrovende procedure doordat de voorwaarden en eisen in elk land weer anders zijn. Veel ondernemers komen er daarom niet toe om teruggave te vorderen.

Vanaf 1 januari 2010 wordt het echter voor veel ondernemers makkelijker, omdat btw via de Nederlandse belastingdienst kan worden teruggevraagd. Ook hoeven ondernemers die grensoverschrijdende diensten verrichten in de meeste gevallen geen btw meer te factureren.

Hoe werkt het?
Voor een verzoek om teruggaaf hoeft u niet meer in contact op te nemen met buitenlandse belastingdiensten. Bovendien wordt er sneller uitbetaald: belastingdiensten moeten namelijk rente vergoeden als de gestelde termijn niet wordt gehaald.

De omzetbelasting wordt straks in de meeste gevallen geheven op de plaats waar de afnemende ondernemer is gevestigd. Daardoor zal er meestal geen buitenlandse btw op de factuur in rekening gebracht hoeven te worden.

Periodiek overzicht
U levert de Belastingdienst periodiek een overzicht met diensten die u heeft verricht aan buitenlandse ondernemers. U kunt er zelf voor kiezen dit maandelijks of eenmaal per kwartaal te doen. Als u meer dan € 100.000,- per kwartaal aan goederen aan andere lidstaten levert, dan moet het per maand.

Over goederen en diensten die u in Nederland voor uw bedrijf aanschaft, mag u btw terugvragen. Doet u internationaal zaken, dan betaalt u over goederen en diensten buitenlandse btw. Ook die kunt u terugvorderen.

Het belang van een correcte loonadministratie

Hof Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over een situatie waarin de loonadministratie van een werkgever niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden.

 

Volledig bericht

Hof Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over een situatie waarin de loonadministratie van een werkgever niet voldeed aan de wettelijke voorwaarden. Voor een aantal werknemers had de werkgever verzuimd de identiteit vast te stellen aan de hand van een voorgeschreven document. Volgens het hof heeft de belastingdienst dan ook terecht een naheffingsaanslag opgelegd tegen het anoniementarief van 52% en de bewijslast omgekeerd. De discussie zag met name op de vraag of alsnog kon worden aangetoond dat de vereiste documenten wel in de administratie aanwezig waren. Hierin slaagde de werkgever niet. De conclusie van het hof is niet opmerkelijk, maar bevestigt weer eens dat het niet op orde hebben van de loonadministratie een aanzienlijk risico met zich brengt.

Werkgevers dienen in de loonadministratie van elke werknemer in ieder geval een kopie van het identiteitsbewijs en een volledig ingevulde en ondertekende gegevensopgaaf loonheffingen (de vroegere loonbelastingverklaring) op te nemen. Ten aanzien van het identiteitsbewijs is daarbij van belang dat goed wordt gecontroleerd of het document echt is, of dit geldig is op het moment van indiensttreding en is voorzien van de handtekening van de werknemer. Voor de controle op de echtheid van het identiteitsbewijs is het van groot belang dat de werkgever zelf de kopie maakt en niet volstaat met het opvragen van een kopie bij de werknemer.
 
Naast de genoemde documenten die verplicht in de loonadministratie moeten worden opgenomen, zijn verder documenten vereist voor een aantal specifieke situaties. Voor werknemers die in een auto van de zaak rijden en de ‘verklaring geen privégebruik’ bij de belastingdienst hebben aangevraagd, dient de werkgever een kopie van deze verklaring in de administratie op te nemen. Hetzelfde geldt voor de verklaring arbeidsrelatie (VAR) voor personen die werkzaamheden als zelfstandige verrichten. Alleen indien u als opdrachtgever een kopie van een geldige VAR-winst uit onderneming of VAR-inkomsten voor rekening en risico van een vennootschap van de zelfstandige kunt overleggen, tezamen met een kopie van een geldig identiteitsbewijs, bent u als opdrachtgever gevrijwaard van het inhouden en afdragen van loonheffingen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.
 
Bron: Hof Den Haag, 20-2-2009, nr. 08/00010

Belastingdienst scherper op fraude met zakenauto

De Belastingdienst gaat strenger controleren op het onjuist opgeven van privégebruik van een auto van de zaak.

De Belastingdienst gaat strenger controleren op het onjuist opgeven van privégebruik van een auto van de zaak.

 

Dat heeft staatssecretaris Jan Kees de Jager (Financiën) besloten, omdat uit onderzoek wederom veel misbruik blijkt van het belastingvriendelijker regime voor zakenauto’s die weinig privé worden gebruikt. Sinds begin van het jaar is bij ongeveer 1500 belastingplichtigen voor in totaal circa 4 miljoen euro aan naheffingen en boetes opgelegd.
Minder dan 500 kilometer
Dat heeft het ministerie van Financiën dinsdag bekendgemaakt. Iemand met een auto van de zaak  die minder dan 500 kilometer privé rijdt, hoeft minder belasting te betalen. Uit eerdere onderzoeken van de Belastingdienst was al gebleken dat een fors aantal mensen van deze groep het niet zo nauw neemt met de regels.

De totale stand aan fraude bedraagt nu 23 miljoen euro aan naheffingen en boetes voor ongeveer 11.000 belastingplichtigen die onterecht belastingvoordeel wilden opstrijken. Vooral personen met een auto van de zaak die een of meer verkeersboetes hebben, blijken nogal eens de belastingregels aan hun laars te lappen.

Voor het opvoeren van de controles zet de Belastingdienst tientallen extra medewerkers in. De opbrengst wordt geschat op vele miljoenen euro’s.

 
(c) ANP 2009 alle rechten voorbehouden

Voor- en nadelen van thuiswerken

Thuis- of telewerken raakt langzaamaan steeds meer ingeburgerd. Eind 2007 had bijna de helft van de bedrijven waar tien of meer personen werken telewerkers in dienst.

Thuis- of telewerken raakt langzaamaan steeds meer ingeburgerd. Eind 2007 had bijna de helft van de bedrijven waar tien of meer personen werken telewerkers in dienst.

 

Wanneer thuiswerk

Hoewel thuis- en telewerken van oorsprong twee verschillende dingen betekenen zijn de termen tegenwoordig bijna synoniem en inwisselbaar. Onder thuiswerken vallen de werkzaamheden die niet in een gebouw van het bedrijf maar in de woning van de werknemer worden verricht. In de praktijk gaat het meestal om thuiswerken in deeltijd. De werknemer werkt dan een aantal dagen bij de onderneming en een aantal dagen thuis.

De werknemer geldt al als thuiswerker als hij 20% van zijn arbeidstijd in de eigen woning werkt. Telewerken kan in tegenstelling tot thuiswerken op verschillende plaatsen. In de meeste gevallen werkt de telewerker overigens wel gewoon vanuit zijn eigen huis, vandaar dat thuis- en telewerken inmiddels hetzelfde betekenen. Thuiswerken biedt voor zowel werkgevers als werknemers voordelen en is daarom al op veel plekken vanzelfsprekend geworden. Toch kunnen er aan thuis- en telewerken ook nadelen kleven. Daarom is het belangrijk dat de werkgever de voor- en nadelen goed afweegt.

 

Voordelen

Thuiswerken biedt voordelen op het gebied van flexibiliteit, productiviteit en kostenbesparing. Zo zijn thuis- en telewerkers flexibeler, omdat zij geen rekening hoeven te houden met de werktijden binnen het bedrijf. Hierdoor kunnen zij bijvoorbeeld in piekperioden makkelijk overwerken. De thuiswerker kan ook de werkzaamheden makkelijker combineren met zijn gezinsleven. Dit kan leiden tot minder behoefte aan bijzonder verlof en minder ziekteverzuim.

Thuiswerkers hebben grote zelfstandigheid en kunnen zelf hun tijd indelen waardoor ze een hogere productiviteit kunnen bereiken. Daarnaast hebben thuiswerkers geen of – bij deeltijdthuiswerken – minder reistijd en reiskosten. Dit levert voor zowel de werkgever als de werknemer een prettige besparing op. Ten slotte profileert de werkgever zich als goede en aantrekkelijke partij als hij de mogelijkheid van thuis- en telewerken aanbiedt in zijn arbeidsvoorwaarden.

 

Nadelen

Toch heeft thuiswerken ook zo zijn keerzijde. Als belangrijkste nadeel van thuiswerken wordt vaak vermindering van het persoonlijk contact genoemd. Dit kan leiden tot minder betrokkenheid bij de onderneming en daarmee tot een afname van werkmotivatie. Thuiswerkers en telewerkers zelf missen vaak het contact met de collega’s en hebben soms de angst dat zij bij promoties zullen worden overgeslagen.

Door het telewerken kunnen ook de scheidslijnen tussen werk en privé vervagen. Niet alle werknemers zullen daarmee kunnen omgaan. De werkgever moet ook rekening houden met de kosten van de inrichting van de telewerkplek en telecommunicatiekosten en met eventuele problemen rondom beveiliging en vertrouwelijkheid, bijvoorbeeld als de werknemer van buitenaf op het bedrijfsnetwerk kan inloggen.

Daarnaast kan het gebeuren dat de werkgever het gevoel krijgt de controle over zijn telewerkers te verliezen. Hij ziet deze medewerkers immers minder vaak en het is moeilijk te bepalen hoeveel werk de telewerker verricht en of dat ook goed is gebeurd. Om hierop toch goed zicht te houden is het belangrijk outputcontrole uit te voeren. Dit houdt in dat hij met zijn medewerker duidelijke afspraken maakt over wanneer het werk af moet zijn. Ook is het verstandig in plaats van een einddoelstelling een aantal deeldoelstellingen af te spreken.

 

Functie en persoon

De werkgever moet er rekening mee houden dat niet elke functie geschikt is voor telewerken. Zo kunnen banen waarbij het fysiek uitvoeren van een bepaalde taak belangrijk is niet worden omgezet in een telewerkbaan. Ook functies waarbij persoonlijk contact met collega’s belangrijk is komen minder snel in aanmerking voor telewerken.

Functies die zijn gericht op informatieverwerking zijn juist zeer geschikt voor telewerken. Deze werkzaamheden kunnen vaak net zo goed op de telewerklocatie worden uitgevoerd. Daarnaast moet de werkgever er rekening mee houden dat niet al zijn werknemers geschikt zullen zijn voor telewerken. Een telewerker moet bijvoorbeeld zelfstandig kunnen werken, verantwoordelijkheidsgevoel hebben en flexibel zijn.

 

Werkplek en arbo-eisen

Telewerken is niet mogelijk zonder bepaalde voorzieningen. Welke voorzieningen nodig zijn hangt onder meer af van de werkzaamheden van de telewerker.

Een volledig telewerkpakket bestaat uit:
• bureau, stoel en kastruimte;
• computer en internet;
• communicatie- en beveiligingssoftware;
• (mobiele) telefoon;
• eventueel fax, printer, antwoordapparaat, aparte telefoonlijn.

De werkgever moet er daarnaast rekening mee houden dat de Arbowet ook geldt voor telewerkers. Dit betekent voor de werkgever dat hij ook op de telewerkplek verantwoordelijk is voor de arbeidsomstandigheden. Hij moet er dan ook voor zorgen dat de telewerker kan beschikken over goed meubilair, verlichting en apparatuur.

Voor gezondheidsschade die de telewerker thuis oploopt gelden dezelfde regels als binnen het bedrijf. Krijgt de werknemer bijvoorbeeld op zijn telewerkplek een ongeluk, dan moet de werkgever dat aan de Arbeidsinspectie melden. In de Arbowet staat dat de werkgever moet zorgen voor een volledig ingerichte werkplek die aan de arbonormen voldoet en middelen verstrekt die nodig zijn voor het uitoefenen van de functie thuis. Bovendien is de werkgever verplicht de medewerker te wijzen op de arbo-eisen en de mogelijke risico’s. Goede voorlichting is dus vereist.

 

Belastingvoordeel

De Belastingdienst hanteert een speciale regeling voor telewerken. De werkgever kan de telewerker voor de inrichting van de thuiswerkplaats een belastingvrije vergoeding geven van maximaal € 1815 (incl. btw) in vijf jaar.

Voor deze fiscale regeling gelden de volgende voorwaarden:
• de werknemer werkt over het algemeen ten minste eenmaal per week gedurende de normale werktijd thuis, zonder dat hij ook naar een arbeidsplaats buiten de woning reist. Hierbij maakt hij gebruik van telecommunicatie;
• de werkgever sluit met de werknemer een schriftelijk contract af. Hierin moeten naam en adres van de werknemer worden vermeld. Verder moeten de dag of dagen waarop de werknemer thuis werkt worden genoemd. De werkgever moet het contract van een dagtekening voorzien en bewaren bij de loonadministratie;
• de inrichting van de werkruimte moet voldoen aan de eisen van de Arbowet.

De werkgever mag daarnaast de kosten van alle bedrijfsapparatuur volledig aftrekken van de winst. Per 1 januari 2009 is thuiswerken fiscaal aantrekkelijker gemaakt doordat de regeling van de vaste reiskostenvergoeding is verruimd. Om voor de onbelaste reiskostenvergoeding in aanmerking te komen hoeven werknemers nog maar 128 werkdagen per jaar naar de vaste werkplek te reizen en kunnen ze dus vaker thuiswerken.

 

Bron: Personeel